In zeewater worden parels gevormd in oesters, terwijl in zoetwater meren en rivieren parels worden gevormd door mosselen. Natuurlijke zeewater (oosterse) parels ontstaan doordat zand of schelpdeeltjes worden gevangen door de “baard” van de oester als deze zich over de zeebodem voortbeweegt. Dit vreemde deeltje zet zich af tussen de schelp en de mantel van de oester, en irriteert het weekdier. Om haar lichaam tegen de irritatie te beschermen scheidt de oester een vloeistof af die zich afzet op het deeltje. Die afzetting heet nacre, en geeft de parel haar bijzondere veelkleurigheid. Nacre vormt zich om het deeltje (de kern of kern) in concentrische lagen, waardoor een rijkere en diepe glans ontstaat.
Door de eeuwen heen was de traditionele manier van parels oogsten zeer tijdrovend, en leverde slechts weinig parels met juweel-kwaliteit. Parelduikers daalden af naar de zeebodem, voorzien van een mes en een mandje. De duiker sneed elke oester los van de omringende planten en verzamelde ze in het mandje. Na 3 tot 5 minuten kwam de duiker weer naar boven en leegde het mandje met oesters.